
Tussen Tahitótfalu en Budapest in ligt het stadje Szentendre (St. André), waar men vooral de 18e-eeuwse indruk heeft weten te bewaren: barok in alle kleuren van de regenboog. Op het Fö tér, het hoofdplein van de stad, is in 200 jaar alleen de naam veranderd, zo beweert men. (Het plein heette tot 1990 'Marx tér'.)
Het gietijzeren rococokruis in het midden van het plein is opgericht in 1763 door Servische kooplieden, die gevlucht waren voor de Turken en die toen het grootste deel van de bevolking uitmaakten. Zij brachten het stadje tot zeer grote bloei, waarvan diverse Grieks-orthodoxe kerken getuigen: weelderige ikonostasen (wand van beelden die in Grieks-katholieke kerken de altaarruimte scheidt van het schip van de kerk), marmeren altaren en gescheiden ruimtes voor mannen en vrouwen.
Een voorbeeld hiervan is de zogenaamde Griekse Kerk aan het Fö-tér. Voorts noemen wij de Belgrado Kerk met onder andere een museum van Servische kerkelijke kunst; de Pozarevacka Kerk, gebouwd in byzantijnse stijl, met een prachtige ikonenwand; de Preobrazenska Kerk, gebouwd in 1740 en volgens velen de mooiste kerk in Szentendre.
In rustiger tijden zijn de Servische kooplieden naar het snel in betekenis toenemende Pest verhuisd en slechts een klein deel van de bevolking kan zich tot hun afstammelingen rekenen.
Nadien kregen kunstenaars belangstelling voor het stadje. Hiervan getuigen enige musea en galeries, zoals naast de Griekse kerk in een voormalig schoolgebouw uit de 18e eeuw, het Ferenczy Museum met werk van de Hongaarse impressionistische schilder van die naam. Een kleiner museum vertoont de werken van een andere Hongaarse impressionist Béla Czobel.
Verreweg het meest in trek bij de toeristen is het museum met het werk van de keramiekkunstenares Margit Kovács (1902-1977). Daar zij in haar overwegend vrouwenfiguren traditionele volkskunst combineerde met hedendaagse trekjes, spreekt haar werk onmiddellijk aan.
Eveneens vlak bij het Fö tér vindt men het vermaarde koffiehuis Nostalgia met boetiekjes vol Hongaarse souvenirs. Even ten noorden van Szentendre ligt het openluchtmuseum Skanzen, dat een goed beeld geeft van de plattelandscultuur gedurende de 18e en 19e eeuw. De hier opgestelde gebouwen zijn volledig authentiek.